![]() |
|
||||||||
|
Onder de naam Lechenghe duikt Oosterlittens in 1275 voor het eerst op. Oosterlittens is de nederlandse benaming. Nog maar kort voert het dorp de Friese naam Easterlittens. De zee als vriend en vijand. De zee bracht vruchtbare kleilagen maar sloeg ze ook weer weg, totdat rond 900 de bewoners door bedijking de gevreesde Middelzee terugdrongen. De toen ontstane kalkhoudende gronden, de greiden, bleken uitstekend geschikt als weidegrond. De gunstige ligging aan de kruising van de waterwegen Franekervaart en Bolswardertrekvaart heeft Easterlittens geen windeieren gelegd. Boeren, leerlooiers, smeden, scheepstimmerlieden, molenaars, winkeliers, en natuurlijk de herbergiers; allen profiteerden van het watertransport. De bedrijvigheid trok zeer uiteenlopende handelslieden aan. Het open en dynamische karakter dat toen ontstond, leeft nog altijd voort in Easterlittens.
De Fryske Greidhoeke, het landschap rondom Easterlittens, bestaat uit uitgestrekte weidevelden met boerderijen, zwartbonte koeien, schapen, weidevogels en natuurlijk terpdorpen. Het is een afwisselend gebied vol wandel-, fiets- en vaarmogelijkheden. |
|